|
Volgens een recent rapport van de
Nederlandse Mededingingsautoriteit maakten supermarkten in de periode
2005-2008 meer winst dan de "andere schakels in de
voedselketen". De NMa beweert dat de supers de prijzen voor hun
producten echter niet "eenzijdig" konden opdrijven ten
koste van producenten en consumenten... Critici dringen aan op een
diepgaand en uitgebreid onderzoek naar misbruik van inkoopmacht door
supermarktketens en op verandering van de Mededingingswet.
(door Rob Bleijerveld)
Op 2 december maakte de Nederlandse
Mededingingsautoriteit (NMa) de resultaten bekend van een onderzoek
[1] naar de (ontwikkeling van) verkoopprijzen, kosten en marges [2]
voor acht basisvoedingsmiddelen over de periode 2005-2008. De NMa
wilde meer inzicht verkrijgen in het functioneren van de voedselkolom
in Nederland vanwege de hoge concentratiegraad van de verschillende
schakels, het grote aantal fusies en overnames en omdat er de
afgelopen jaren diverse tips, signalen en klachten zijn ontvangen.
Aanleiding voor het onderzoek waren de stijging van de voedselprijzen
in de afgelopen jaren, de reacties op de concept-NMa Agenda 2008 en
de klachten over "de vermeende scheve verhouding tussen de
producenten- en consumentenprijs" en het "vermeende
machtsmisbruik door supermarkten jegens telers en handelaren".
Een aantal organisaties, waaronder de Consumentenbond, de Land- en
Tuinbouworganisatie, Stichting Onderzoek Multinationale
Ondernemingen, Vereniging Milieudefensie, Greenpeace en Fairfood
stelde misbruik van de inkoopmacht van supermarkteketens aan de orde
[3].
De Consumentenbond vond onderzoek naar
de prijzen van groenten en fruit in supermarkten nodig en dan met
name naar het verschil in prijzen die telers rekenen en de prijs die
consumenten in de supermarkten betalen. "Het risico bestaat dat
consumenten door een machtsmisbruik van supermarkten te veel betalen
voor hun verse groenten of fruit," aldus de organisatie [4]. In
november 2007 schreef de Consumentenbond aan de NMa: "Er is meer
aandacht van de NMa nodig door de toenemende concentratie, vertikale
ketens, inkoopmacht en de rol van supermarkten. De struktuur van de
voedings- en levensmiddelenketens krijgt steeds meer de vorm van een
zandloper. De supermarkten hebben door hun kleine aantal veel macht
richting leveranciers en consumenten, "zij hebben een positie
waarin ze de markt kunnen maken maar ook breken" [5].
Eind 2007 onderschreef de LTO de
agri-foodsector als aandachtsveld van de NMa "uit oogpunt van
voedselveiligheid, kwaliteitsbewaking en marktpositie" van
boeren en tuinders [6]. In september 2008 voegde voorzitter Maat van
de LTO toe dat voedselzekerheid en gelijke concurrentievoorwaarden
bepalende factoren zijn voor het inkomen van boeren en tuinders.
Volgens hem is er nu echter geen sprake van een goed rendement of van
evenwicht in de land- en tuinbouw. En volledige liberalisering - "Een
achterhaald standpunt" - wijst hij van de hand. Maat: "Voor
de prijs die de consument betaalt in de winkel en de supermarkt,
dient een evenredig deel bij boeren en tuinders terecht te komen. In
een aantal sectoren moeten boeren en tuinders beter in staat worden
gesteld om zelf hun afzet te organiseren en daarin te investeren,
zodat ze een krachtige partij op de markt zijn" [7].
De vier bovengenoemde maatschappelijke
organisaties hoopten dat het NMa-onderzoek in de agri-foodsector zou
leiden "tot meer transparantie over de inkoopmacht van grote
supermarktketens en inkooporganisaties die actief zijn in Nederland
en tot een gericht en effectief optreden door de overheid tegen de
negatieve gevolgen en eventueel misbruik van de marktpositie door
deze in Nederland opererende bedrijven." De groeiende dominantie
van een kleine groep supermarktketens leidt tot toenemende
concentratie in de verschillende schakels zowel in Nederland als in
Europa. Dat heeft negatieve gevolgen voor consumenten, leveranciers,
boeren en andere producenten - en indirekt ook voor werknemers en het
milieu. Men acht onderzoek noodzakelijk naar de manier waarop de
mededingingsregels de positie van producenten en leveranciers al dan
niet verzwakken en voldoende ruimte laten voor initiatieven van
duurzame producten [8].
Onderzoeksvragen en conclusie
Relevant voor dit onderzoek is volgens
de NMa haar taak om kartelvorming en misbruik van economische
machtspositie tegen te gaan. Kartelvorming heeft betrekking op het
maken van prijsafspraken, het verdelen van de markt en het
gezamenlijk bepalen van productiehoeveelheden tussen concurrerende
ondernemingen. Het gaat om alle afspraken die "de prikkels voor
ondernemingen verminderen om efficiënt en vernieuwend bezig te zijn
en die vaak leiden tot hogere prijzen voor consumenten."
Mogelijke vormen van misbruik van een economische machtspositie door
een onderneming zijn koppelverkoop, onredelijke voorwaarden, het
misbruiken van inkoopmacht en het hanteren van excessieve prijzen.
Deze praktijken hebben negatieve gevolgen voor concurrenten, afnemers
of leveranciers die afhankelijk zijn van die onderneming.
De NMa deed onderzoek naar de hoogte
van de verkoopprijs, de kosten en de marge in de verschillende
schakels van de bedrijfskolommen voor aardappelen, uien, komkommers,
paprika’s, appelen, brood en eieren. En hoe die zich over de
periode 2005 tot en met 2008 hebben ontwikkeld. Verder is onderzocht
of één van de schakels in elke bedrijfskolom een zodanig sterke
marktpositie heeft dat die in staat is via een eenzijdige
prijsverhoging haar winst te verhogen.
De instelling concludeert dat
supermarkten niet dominant zijn in de prijsvorming in de agri-food
sector. Ze maakten in die periode weliswaar meer winst dan de "andere
schakels in de voedselketen", maar ze zouden niet in staat zijn
geweest "om de prijzen voor de producten eenzijdig winstgevend
te verhogen" ten koste van producenten en consumenten. Dat komt
volgens de NMa onder meer doordat blijvende margeverhoging door de
supermarkten voor de meeste producten tot hogere groothandelsprijzen
leidt, en omdat de toegenomen concentratie op supermarktniveau over
het algemeen een beperkt effect heeft op de in- en verkoopprijzen van
de supermarkt. Verder heeft asymmetrische prijsaanpassing (snellere
prijsverhoging bij stijging van de inkoopprijzen en een minder snelle
prijsverlaging bij de daling van de inkoopkosten) een verwaarloosbaar
effect op de marge van de supermarkten.
Het NMa-onderzoek doet geen formele
uitspraken over het al dan niet nakomen van de Mededingingswet [9].
De NMa zegt te willen bijdragen aan de
marktwerking in de agri-food sector door de prijsvorming in de
onderzochte bedrijfskolommen transparant te maken en door in 2010
rondetafel-discussies over de werking van de ketens op te zetten met
"belangrijkste vertegenwoordigers van de agri-food sector".
De eerste reacties
Centraal Bureau
Levensmiddelenhandel:
Volgens CBL-voorzitter Klaas van den
Doel leidt de econonomische crisis leidt tot vermindering van de
vraag naar landbouwproducten en dus tot lage prijzen voor boeren en
tuinders. Politici moeten hen echter niet naroepen dat supermarkten
de schuldige zijn. "Retailers zijn geen gewetenloze types die er
niet voor terugdeinzen om fabrikanten het vel over de neus te halen
en boeren uit te knijpen, puur voor eigen gewin", aldus Van den
Doel. Hij is blij met de conclusie van de NMa dat supermarkten zich
niet verrijken ten koste van boeren en tuinders. Op de verkoop van
sommige producten (bijvoorbeeld paprika's) verdienen supermarkten
bruto meer dan een paprikateler, maar op andere producten lijden ze
verlies. Daarbij is het volgens hem van belang dat supermarkten
paprika's per stuk verkopen en tuinders met honderd kratten tegelijk
(...) [10]. Volgens Marc Jansen, manager consument en kwaliteit van
het CBL, is de Nederlandse inkoopmarkt weliswaar verdeeld in grote
blokken, maar verse groente en fruit wordt nog deels ingekocht door
ketens zelf (zoals door Superunieleden). Daarom zou de term
"marktmacht" hier niet echt van toepassing zijn. Hij is
overigens niet tegen bundeling van het aanbod onder telers zolang het
binnen de mededingingswet blijft [11]. "Groenten en Fruit"
meldde op 8 december [12] dat CBL ook van mening is dat het onderzoek
de mythe van de eenzijdige verrijking ten koste van boeren en
tuinders doorbreekt. De oorzaak van de prijsverschillen zou
voornamelijk te wijten zijn aan de kosten bij de tussenhandel [12].
Frugi Venta:
Volgens Willem Baljeu, directeur van
handelskoepel Frugi Venta, is het beeld dat de tussenhandel het
meeste verdient aan de afzet van groente echter onjuist. Er is geen
sprake van verrijking, aangezien 20 tot 25 procent van de handel
onderling aan elkaar wordt verkocht hetgeen allemaal leidt tot
kosten. Peren en appels liggen zes maanden in de cel. De marge is
geen nettomarge, maar bestaat vooral uit kosten" [13]
Als het klopt wat supermarkten beweren,
namelijk dat publicatie van winkelprijzen de prijsconcurrentie van
winkelketens onderling alleen maar versterkt, dan is Frugi Venta er
voor dat dit wordt stopgezet. Nu levert het Productschap Tuinbouw
prijslijsten aan een groot aantal handelsbedrijven en ook aan
supermarktorganisaties.
Productschap Tuinbouw:
Tjibbe Joustra, voorzitter van het
Productschap Tuinbouw verwelkomt het NMa-voorstel voor discussies
over de sector en hij riep organisaties op visies op het rapport aan
de NMA kenbaar te maken [13].
Telerscollectief P8:
Thijs Jasperse, voorzitter van
telerscollectief P8 (Paprika Acht), denkt dat het onderzoeksmodel van
de NMa naar de marges voor versproducten een goede vervanging is van
het huidige ketencalculatiemodel en dat het tot blijvende
transparantie in de groenteketen kan leiden. Toch vindt hij het
vreemd dat de NMA niet tot conclusies komt over de manier waarop
supermarkten en tussenhandel hun winsten konden vergroten [14].
Land- en Tuinbouw Organisatie
Nederland:
Voorzitter Albert Jan Maat van de LTO
stelt dat Het NMa-rapport bevestigt wat zijn organisatie altijd al
beweerde: de marges bij de supermarkten zijn het hoogst en de
mededingingswetgeving is eenzijdig gericht op consument en
supermarkten en niet op de agrarische producenten. "Wat wij
willen is een gelijke behandeling van consument en producent",
aldus Maat [15]. Volgens "Groenten en Fruit" vindt de LTO
het overigens goed als niet alleen de winkelprijzen maar ook de
handelsprijzen worden gepubliceerd, om zo de prijsopbouw transparant
te maken [13].
Maat gaf op 2 december aan positief te
zijn over het NMA-plan voor besprekingen met alle betrokken
ketenpartijen omdat ook de LTO de hele agri-foodsector transparanter
wil maken. Daarbij komt dat vele Nederlandse boeren en tuinders in
2009 in de rode cijfers zullen belanden en dat LTO Nederland dit
aspect wil betrekken bij de discussierondes. Het NMa-rapport is
daarbij voldoende basis om met NMa en politici verder te praten over
een gelijkwaardige behandeling en dezelfde rechten voor boeren en
telers. Hij verwees Nederlandse politici die deze herfst in de Tweede
Kamer voorstelden een onderzoek te laten uitvoeren naar de
margeverdeling bij de voedselverkoop overigens naar een recent
onderzoeksplan van de Europese Commissie [16] en naar "kant-en-klare
onderzoeken" van het Landbouw Economisch Instituut [17].
In een artikel van Distrifood van 5
december is de bewoording van Maat over de NMa feller [18]. Hij vindt
dat de NMA "buiten de maatschappelijke realiteit" staat;
het NMa-onderzoek naar prijzen en marges in de agri-foodsector heeft
voor hem geen waarde. De NMa negeert de inkoopprijzen van de
supermarkten. Het rendement van de supers is steeds het hoogst, zowel
in 2007 en 2008 tijdens de voedselcrisis, als ook in deze tijd
waarbij boeren en tuinders in de hele agribusiness onder de kostprijs
verkopen. NMa-voorzitter Pieter Kalbfleisch staat volgens hem los van
het maatschappelijke debat over duurzame productie: hij zou geen
enkele verantwoordelijkheid nemen voor duurzaamheid, terwijl de
verantwoordelijkheid (en kosten) voor dierenwelzijn, milieu en
voedselveiligheid allemaal bij de agrarische sector worden
neergelegd. "Er zijn gewoon geen gelijke spelregels," aldus
Maat. Ook niet wat betreft de hindernissen die de NMa opwerpt voor
afzetbundeling door producenten, zoals te zien is bij de tuinders en
de zuivelcoöperaties. Hij wil een wijziging van de mededingingswet
en de LTO gaat daarover praten met de nieuwe EU-commissaris voor
Mededinging (Joaquín Almunia), het Ministerie van Economische Zaken
en met de politieke partijen.
(Voor een reactie door
NMa-voorzitter op 3 december, zie noot 19).
Melkveehoudersvakbonden:
De Nederlandse melkveehoudersvakbonden
NMV en DDB voeren al geruime tijd aktie tegen de te lage prijzen voor
melk. Zij zijn aangesloten bij een Europese koepel die bij de
Europese Commissie een voorstel voor een ander melkbeleid op tafel
legde. Dat voorstel is ook aan minister Verburg van LNV aangeboden.
Op 23 september voerde de Dutch Dairymen Board (DDB) aktie op de
stoep bij de NMa in Den Haag, onder het motto "Waarom maken
supermarkten winst en verliezen boeren geld?" Ze eisen van de
minister van LNV het terugdraaien van de liberalisering van het
melkbeleid dat verantwoordelijk is voor de lage melkprijs. en van de
NMa eisen ze onderzoek naar de macht van de supermarkten.
Op het punt van transparantie in de
verdeling van de winstmarges worden de boeren gesteund door politici
als Waalkens (PvdA) en Atsma (CDA) die beide menen dat de rol van de
supermarkten onder de loep moet worden genomen. Atsma vindt het
"absurd" dat de boeren maar 20 cent voor hun melk krijgen
en dat het daarmee zelfs goedkoper is dan frisdrank. Hij denkt dat
het Nederlandse parlement kan ingrijpen afhankelijk van het resultaat
van een onderzoek door de Europese Commissie naar de verdeling van
winsten. Atsma: "Zo zou er een verbod kunnen komen op verkoop
van voedsel onder de kostprijs of op het stunten met voedsel"
[20].
Onderzoekster
Vander Stichele (SOMO):
In een ingezonden brief richtte
onderzoekster Myriam Vander Stichele (Stichting Onderzoek
Multinationale Ondernemingen) zich aan de redactie Economie van het
NRC met een reactie op het artikel "Winkels verdienen meer aan
eten dan boeren" van 3 december 2009 [21]. In onderzoek dat ze
samen met Bob Young van Europe Economics deed voor Agribusiness
Accountability Initiative toonde ze aan dat in veel landen van de EU
supermarkten meer verdienen aan eten dan boeren [22]. Het NMa-rapport
van 2 december verwijst echter in het geheel niet naar een
soortgelijk onderzoek dat de Europese Commissie binnenkort gaat
beginnen [23], hoewel ook de mededingingsautoriteiten in de
verschillende lidstaten hiervan deel zullen uitmaken.
Net als de NMa in nederland weigert ook
de Commissie verbanden te leggen ondanks dat er in vele lidstaten
sprake is van vergaande concentratie van supermarkten. Alleen de
mededingingsautoriteiten in het Verenigd Koninkrijk hebben - na veel
maatschappelijke druk en na jaren van onderzoek - daadwerkelijk
misbruik bij inkooppraktijken van de supermarkten kunnen blootleggen.
Gericht onderzoek doen bij producenten is niet makkelijk want in veel
landen is men bang om te getuigen." aldus Vander Stichele,
"Volgens de NMA zijn bij het pas gepubliceerde onderzoek [1]
geen interviews met producenten afgenomen. Het probleem is dat
mededingingsautoriteiten zich vooral als doel stellen
consumentenbelangen te beschermen, lees lage prijzen en lage
inflatie. Maar op de lange termijn zijn consumenten niet gebaat met
het gebrek aan keuze aan winkels en supermarkten, vooral als die
laatsten meer en meer huismerken verkopen zodat consumenten geen
prijzen meer kunnen vergelijken en producenten onder grote prijsdruk
worden gezet. Nu drie inkooppartijen (Albert Heijn, Superunie, en
C1000) 78.2% van de Nederlandse verkoopmarkt beheersen (volgens het
LEI), dan lijkt meer onderzoek geboden."
Noten:
[1]
"NMa
maakt prijsvorming voedselketen transparant," NMa 2 december
2009. Het rapport is getiteld "Prijsvorming
in de agri-food sector". Twee onderzoeksinstellingen hebben
hierin bijgedragen, waaronder het Landbouw Economisch Instituut
Wageningen (LEI). Het LEI-rapport is getiteld "Prijsvorming
van voedingsproducten".
[2]
Voor definities, zie wikipedia.
[3]
"Reacties
consultatie NMa Agenda 2008," NMa website.
[4]
"Onderzoek
naar prijzen groente en fruit," Consumentenbond, 14 april
2009. "Bond
wil agf-prijzen onderzoeken," Nieuws.be, 27 oktober 2008.
[5]
"Brief
Consumentenbond aan NMa inzake Consultatie NMa Agenda 2008"
(november 2007).
[6]
LTO-reactie
[7]
"'Volledige
liberalisering voedselmarkt is achterhaald'", LTO, 22
september 2008.
[8]
SOMO/VMD/GP/FF-reactie.
[9]
Opmerkelijk is dat het onderzoek bij de supermarkten schriftelijk was
waarbij ook interviews zijn afgenomen, terwijl in een verwant
onderzoek - namelijk naar eventuele prijsafspraken in de groente- en
fruithandel - wel invallen bij groothandels en telersverenigingen
zijn gedaan door de NMA waarbij administratie in beslag werd genomen.
Zie ondermeer: “Blaming
the victims? NMa-onderzoek naar prijsafspraken onder tuinders,"
Supermacht, 9 augustus 2009. Volgens het Agrarisch Dagblad van 5
december 2009 verwacht de NMa dat laatste onderzoek in de tweede
helft van 2010 af te ronden ("NMA-oordeel eind 2010 over
groenteprijzen", via Lexis Nexis).
[10]
"CBL:
supermarkt onterecht beschuldigd van (uitknijpen van boeren en
producenten), 11 dec 2009
[11]
"CBL:
geen dominante positie supers," Distrifood, 2 december
2009.
[12]
"'Prijsverschil komt door kosten tussenhandel'" (bron:
Lexis Nexis).
[13]
"Handel
verweert zich tegen beeld hoge marges," Agrarisch Dagblad, 9
december 2009.
[14]
"Jasperse:
model NMA blijven gebruiken," AGD, 4 dec 2009.
[15]
"Uitkomst
NMa-onderzoek bevestigt beweringen LTO. Debat over verdeling marges
in voedselketen krijgt vervolg," LTO, 2 december 2009.
[16]
"Commission
adopts a communication on a better functioning food supply chain in
Europe. Concrete actions to improve relationships between actors of
the food supply chain", Europese Commissie, 28 oktober 2009.
Voor uitleg en achtergrondinformatie, zie "Commissie-plan
voor efficiëntere werking voedselketen goed voor kleine boeren en
telers?," Global Europe, Voor Wie?, 3 november 2009. En:
"LTO
wil overleg met NMa over onderzoek prijzen in groente- en
fruitsector," LTO, 12 augustus 2009.
[17]
"Geef
ons gelijke rechten in voedselketen," LTO, 31 oktober 2009.
[18]
"Boeren verwerpen NMa-onderzoek; LTO pleit voor bundelen aanbod
van producenten," Distrifood, 5 december 2009 (bron: Lexis
Nexis).
[19]
NMa-voorzitter Kalbfleisch - ooit commissaris van een
supermarktconcern - zegt dat het ten onrechte is dat boeren de
supermarkten kwalijk nemen dat zij de grootste marge realiseren.
Volgens hem is concurrentie tussen en binnen schakels gezond en
voortdurende druk stimuleert innovatie. De rol van de NMA, waarbij de
consument meer dan de producent bescherming vindt, blijft
ongewijzigd. Hij erkent overigens dat het mogelijk is dat
machtsconcentratie bij supermarkten leidt tot scheve verhoudingen, al
heeft de NMa dit nog niet geconstateerd. De Europese Commissie laat
hier momenteel onderzoek naar doen. (In: "NMA:
eerlijke marge in de keten bestaat niet," Agrarisch Dagblad,
3 december 2009). Op 8 oktober zei Kalbfleisch het volgende tijdens
een rede op het Elseviercongres 'Ontwikkelingen
Mededingingsrecht': "Niet optreden in de prijzenoorlog van
supermarkten ondanks de roep om "bescherming" van
"uitgebuite" toeleveranciers, leverde zeer lage prijzen
voor burgers op en daarmee een 1-procent-punt lagere inflatie."
Het
beschermende karakter jegens supermarktketens van de NMa blijkt ook
uit het feit dat de Nederlandse Mededingsingswet het gebruik van
zogenaamde wurgcontracten tussen supermarkten en leveranciers in
Nederland toestaat zolang een supermarktketen minder dan 40%
marktaandeel heeft (en dat is in Nederland nog niet het geval). Met
deze contracten - in Frankrijk overigens verboden - verplichten de
supermarkten hun leveranciers ertoe onverkochte waren voor de volle
prijs terug te nemen. Het is leveranciers (en producenten) echter
niet toegestaan om door onderlinge prijs- of productieafspraken
dezelfde graad van concentratie te verkrijgen als supermarktketens.
("'Franse
praktijken mogen wel in Nederland', Agrarisch Dagblad, 30 oktober
2009).
[20]
"Boeren
zien supermarkt als boosdoener," NRC, 23 september 2009.
[21]
NRC-artikel
[22]
"The
Abuse of Supermarket Buyer Power in the EU Food Retail Sector -
Preliminary Survey of Evidence," door Myriam Vander Stichele
(SOMO) en Bob Young (Europe Economics), maart 2009. Meer over de
Europese tak van het Agribusiness Accountability Initiative is hier
te vinden.
[23]
Zie EC communiques "Commission
adopts a communication on a better functioning food supply chain in
Europe," van november 2009 en "Food
Prices In Europe," van december 2008.
|